dinsdag 8 september 2026

Een zonnig park

Het is nog maar een dag of tien geleden dat ik een nacht in een Duits hotel, een prima hotel overigens, wel met bruin als basiskleur voor de hele inrichting, vlakbij de grens met Nederland doorbracht. Toen ik na een korte verkenning in de buurt terugkwam in de lobby ervan zag ik op de enorme tv-schermen her en der aan de muren Hitler. Het was geen verbeelding, ik kneep mezelf even in de arm, nee, het was hem echt. Het waren heel rustige beelden van hem. Hij was niet aan het opruien en stond ook niet tegenover een armen heffend publiek. Hij leek met generaals en andere legerleiders over de beste oorlogsstrategie te praten. Vrij bekende fragmenten op zichzelf. Maar er zat geen geluid of ondertiteling bij.

Ongetwijfeld hoorden de beelden bij een of andere documentaire. Toch was het zien van Hitler, zo groot, rustig en voor mijn gevoel zonder enige aanleiding in beeld gebracht, een bevreemdende ervaring. Misschien meer voor een Nederlander in een Duitse stad dan voor een Duitser op diezelfde plek. En al helemaal voor een Nederlander, waarschijnlijk, die een blog voert als dit.

Tijdens het, weer terug in een vertrouwd Nederland zijnde, zoeken tussen de digitale stapels aan reacties op de uitslag van de verkiezingen en ook nog een heel aantal voorbeschouwingen hierop, scrollde ik langs een SPD-politica, die ervoor waarschuwde dat bij aanhoudende successen van de AfD de volgende Duitse regeringsleider weleens een afgevaardigde van die partij kon zijn. Welnee, dacht ik. Dat kan toch niet? Zover had ik me de dingen zelf in ieder geval nog helemaal niet voorgesteld. Maar, het kan natuurlijk wel degelijk.

Eindelijk los van mijn telefoon door een zonnig park lopend, nadenkend over de verkiezingsuitslag (ik had overigens twee partijen in de gaten gehouden, niet alleen de AfD maar ook de BSW, waarover ik in een later stukje meer hoop te schrijven) realiseerde ik me dat mijn eigen gevoel over de verkiezingsuitslagen zich vooral met deze woorden liet kenmerken: “Godsamme. Ik heb hier geen zín in!”

Ik heb er moeite mee om de AfD en de huidige ontwikkelingen in Duitsland 1:1 te vergelijken met het Duitsland van de jaren dertig. Daar zijn twee redenen voor. Ten eerste zijn er ook veel belangrijke verschillen en ten tweede heeft die vergelijking maar beperkt zin en kan deze zelfs averechts werken. A la, je kunt wel een wijsvinger heffen, maar dan krijg je er een middelvinger voor terug.

Toch, in mijn verlangen om weg te willen kijken van wat zich voordeed zag ik wél een link naar toen. De houding van vele mensen in het Duitsland van weleer. Die hun hoofd wegdraaiden van wat zich voor hun ogen afspeelde. Daar kon ik wat mee doen, dat kon ik veranderen, hierin kon ik mezelf de les lezen. Niet omdat ik per se wilde, maar omdat ik, na de oorlog levend, de les van toen mee heb gekregen. Degenen die destijds leefden echter hadden werkelijk geen idee.